De kamerplanten die ik de laatste tijd echt OVERAL tegenkom, en die ik als een soort 'staple'-kamerplanten (wie helpt me, ook in het kader van mijn dagelijkse baan als vertaler, aan een goede, bruikbare vertaling van de Engelse uitdrukking 'staple something something' of bijv. 'wardrobe staple'?) ben gaan beschouwen, het fundament van de Nederlandse kamerplantencultuur, zijn deze:
![]() |
| Drakenbloedboom (Dracaena Janet Craig) |
Ficus (allerlei varianten, het blijkt dat bijna alle grote kamerplanten een soort ficus zijn, al lijken ze helemaal niet op elkaar)
Anthurium
Wat deze planten met elkaar gemeen hebben is dat ze allemaal uit gebieden komen waar de meeste Nederlanders nooit komen, dat ze goed tegen verwaarlozing kunnen en dat ze luchtzuiverende eigenschappen hebben. Dat laatste wordt vooral vaak genoemd als men de planten aanprijst voor op kantoor. De planten die ik net noemde zie je ook inderdaad in ELK kantoor, in ziekenhuizen, vakantieparken, zwembaden, bowlingbanen, ziekenhuizen, ik zie ze letterlijk overal. En ik denk dat de meeste mensen niet weten wat voor planten ze in huis hebben. Vreemd, maar grappig.
Geraniums zie je natuurlijk ook in veel vensterbanken, maar toch vind ik het geen echte kamerplanten. Een aantal argumenten voor dit standpunt: ze kunnen ook buiten staan, ze hebben bloemen (de archetypische kamerplant heeft dat voor mij niet), ze moeten verzorgd worden, ze zijn inheems, of in ieder geval niet zo exotisch als de bovenstaande plantengeslachten. Daar komt bij dat ik geraniums wel prachtig vind, op elke manier, en de standaard huiskamerplanten eigenlijk alleen maar mooi van lelijkheid.
Labels: interieur, kamer, kamerplant, kantoorplant, onderzoek


